Financiële positie corporatie Vestia

In 2011 kwam woningbouwcorporatie Vestia in financiële problemen vanwege hun derivatenportefeuille waarmee de corporatie renterisico’s wilde afdekken. Hiervoor ontving Vestia saneringssteun en werd de broekriem aangehaald door middel van bezuinigingen, reorganisaties en de verkoop van woningen. De afgelopen jaren heeft Vestia grote stappen gezet om haar financiële positie te verbeteren en te voldoen aan de volkshuisvestelijke opgaven.

Na 2022 eindigt de saneringsperiode van Vestia. Ook daarna zal Vestia echter te maken hebben met omvangrijke en langlopende leningen, die zorgen voor financiële krapte. Vestia kan hierdoor maar beperkt bijdragen aan de volkshuisvestelijke opgave in de gemeenten waar ze actief is en dat gaat ten koste van de huurders. Dat is zorgelijk; juist omdat Vestia actief is in een regio waar de opgaven groot zijn en waar vanaf 2024 tekorten ontstaan in de investeringscapaciteit van corporaties om aan hun volkshuisvestelijke opgaven te voldoen. Bovendien zorgt de financiële situatie bij Vestia voor bredere risico’s in het borgstelsel voor corporaties.

Samenwerking

Daarom werken Vestia en (de leden van) Aedes gezamenlijk aan een structurele oplossing door:

  1. Vestia op te splitsen in drie corporaties: één in Rotterdam, één in Den Haag en één in Delft/Zoetermeer
  2. Langlopende leningen uit te ruilen met andere corporaties, waardoor de rentelasten verdeeld worden
  3. Inzet en betrokkenheid van de partijen in de sector, waaronder het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de toezichthouder Autoriteit woningcorporaties en het Waarborgfonds Sociale woningbouw.