Eenmalige huurverlaging voor huurders met laag inkomen

In 2021 konden huurders met een laag inkomen en hoge huur eenmalig  huurverlaging krijgen van hun woningcorporatie. Tot en met 4 oktober 2021 hebben circa 155 duizend huurders van woningcorporaties huurverlaging ontvangen.

Huurverlaging na laag inkomen in 2019

Huurders die in 2019 een laag inkomen hadden, kregen voor 1 april 2021 een huurverlaging voorgesteld door de woningcorporatie als zij een te hoge huurprijs betaalden.

Huurverlaging na recente inkomensdaling

Huurders die in 2020 of 2021 te maken kregen met een inkomensdaling die tenminste zes maanden duurde en een te hoge huurprijs (zie hieronder) betaalden, konden tot eind 2021 de huurverlaging zelf aanvragen bij de woningcorporatie. Om te bepalen of een huurder in aanmerking kwam voor de eenmalige huurverlaging, werd gekeken naar de huishoudgrootte, het (verzamel)inkomen en de huurprijs. 

Aanvragen voor huurverlaging die in november of december bij de woningcorporatie zijn ingediend, leiden pas in (begin) 2022 tot een huurverlaging. Er zit namelijk een maand tussen het huurverlagingsvoorstel van de woningcorporatie (na de aanvraag van de huurder) en de ingangsdatum van de huurverlaging.

De Belastingdienst/Toeslagen heeft tot en met 4 oktober 2021 circa 155 duizend huurverlagingen van huurders van woningcorporaties geregistreerd. Dat ging om huurders die huurtoeslag ontvangen of hadden aangevraagd. De aan de Dienst Toeslagen gemelde huurverlaging is gemiddeld € 40 per huishouden. 

Huurders konden tot en met 30 december huurverlaging aanvragen. De verwachting is dat in april 2022 het totale aantal huurders met huurverlaging in 2021 bekend is.

Veelgestelde vragen