Geschillen prestatieafspraken voorleggen aan minister

In de Woningwet 2015 is geregeld dat een geschil, dat het maken van prestatieafspraken in de weg staat, kan worden voorgelegd aan de minister. Geschilbeslechting is dus niet verplicht. Het is een zwaarwegend middel, waarbij de nodige vereisten worden gesteld aan partijen voordat zij overgaan tot het aanhangig maken van een geschil bij de minister. Op deze pagina leest u hoe dit proces werkt en wat de voorwaarden zijn.

Vanaf 1 juli 2016 is het voor een woningcorporatie, gemeente of huurdersorganisatie mogelijk een geschil voor te leggen aan de minister, mits het geschil wordt ingediend van 1 juli tot en met 20 januari volgend op datum. Een onafhankelijke commissie brengt na indiening van het geschil advies uit aan de minister. Dit is vastgelegd in het Besluit Toegelaten Instelling Volkshuisvesting. Het advies vormt de basis voor de uitspraak van de minister en het mogelijke vervolg om alsnog tot prestatieafspraken te komen. De minister deed eerder al bindende uitspraken in Delft, Leiderdorp en Zoetermeer.

Eisen indienen geschil prestatieafspraken

In de Regeling toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015 is in artikel 19a tot en met 19d opgenomen aan welke vereisten een verzoek aan de minister moet voldoen, welke termijnen van toepassing zijn en welke informatie de commissie betrekt bij de advisering.

Voorwaarden verzoek geschil

Het verzoek tot geschilbeslechting dient u in bij de minister onder vermelding van ‘Geschil artikel 44 Woningwet’. Het verzoek, dat door een of meer partijen in het geschil kan worden ingediend, bevat in ieder geval:

  • een dagtekening;
  • de namen en adressen van de bij het geschil betrokken partijen;
  • een beschrijving van het geschilpunt en de positie van de betrokken partijen;
  • een beschrijving van het in de betreffende gemeente geldende volkshuisvestingbeleid en/of de woonvisie;
  • het overzicht van de door de woningcorporatie voorgenomen werkzaamheden;
  • de jaarrekening, het jaarverslag en de accountantsverklaring van de woningcorporatie;
  • een verslag van het overleg over prestatieafspraken tussen de betrokken gemeente, woningcorporatie en huurdersorganisatie;
  • een inspanningsverslag over het lokale proces van prestatieafspraken en geschiloplossing;
  • een bewijsstuk waaruit blijkt dat het verzoek is toegezonden aan de andere bij het geschil betrokken partijen.

Wilt u meer informatie of heeft u vragen over het indienen van een geschil? Dan kunt u terecht bij het secretariaat van de commissie: postbusgeschilwoningwet@minbzk.nl.

Hoort bij