Woonwagenbeleid

Niet iedereen heeft dezelfde woonwensen en wil wonen in een standaard koop- of huurwoning. Dit hangt samen met leefstijl, persoonlijke voorkeuren en culturele opvattingen. Wonen in een woonwagen op een woonwagenlocatie is hier een voorbeeld van. Gemeenten moeten bij de vaststelling van het lokale woonbeleid rekening houden met de wensen van woonwagenbewoners. Dat doen ze onder meer door te zorgen voor voldoende standplaatsen.

Beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid

Het beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid geeft een visie op het standplaatsenbeleid dat in lijn is met het mensenrechtelijk kader voor de culturele identiteit van Roma, Sinti en woonwagenbewoners. Dit document is tot stand gekomen in samenspraak met de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), het Interprovinciaal Overleg (IPO), Aedes en vertegenwoordigers van Roma, Sinti en woonwagenbewoners.

Concreet betekent dit:

  • De gemeente stelt het beleid voor woonwagens en standplaatsen vast als onderdeel van het volkshuisvestingsbeleid;
  • Het beleid dient voldoende rekening te houden met en ruimte te geven voor het woonwagenleven van woonwagenbewoners;
  • De behoefte aan standplaatsen moet in kaart worden gebracht;
  • Corporaties voorzien in de huisvesting van woonwagenbewoners voor zover deze tot de doelgroep behoren;
  • De afbouw van standplaatsen is niet toegestaan (behoudens uitzonderlijke omstandigheden) zolang er behoefte is aan standplaatsen;
  • Een woningzoekende Roma, Sinti of woonwagenbewoner die dit wenst, moet binnen redelijke termijn kans maken op een standplaats.

Woonwagenbewoners hebben het recht om in een woonwagen te leven en gemeenten moeten dat mogelijk maken. Hiermee omarmt de Rijksoverheid de visie van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) en de aanbevelingen van de Nationale Ombudsman.

Het beleidskader helpt gemeenten bij de invulling van het lokale woonwagenbeleid die let op de cultuur van woonwagenbewoners, de bewoners beschermt tegen discriminatie en voldoende rechtszekerheid biedt. De ontwikkeling van het aantal standplaatsen wordt door BZK gemonitord.